LEMMER – Het is pijnlijk en schandelijk dat vrouwelijke verzetsstrijders geen straatnamen krijgen in de gemeente, vindt Wietze de Haan. Het argument is ook best vreemd: individuele verzetsmensen benoemen wil B&W niet. Daar zouden nadelen aan kleven. Wel wordt er één uitzondering gemaakt en dat is dat ze hun heldendaden met de dood hebben moeten bekopen. Degenen die de oorlog overleefden, hoeven blijkbaar niet vereeuwigd te worden. Toch zijn er wel mannen die de oorlog ook hebben overleefd en die wel een straatnaambordje hebben gekregen. Pijnlijk en niet uit te leggen aldus Wietze de Haan dat hij hieronder verduidelijkt.
“Vrouwen hebben een belangrijke rol gespeeld in de geschiedenis, ook, of misschien: juist in het verzet. Uit mijn boek “Lichtend Voorbeeld, Foute keus” over onder andere de Lemster koeriersters Willy van der Gaast en Lena Koopmans en hun werk voor het verzet in onze gemeente, blijkt hoe belangrijk hun koerierswerk is geweest voor de bevrijding van onze gemeente/ons land.”
Vrouwen in het verzet
“Naar schatting zaten 45.000 vrouwen in het verzet in de Tweede Wereld oorlog. Verzet was ook een “vrouwending”. Vrouwen uit het verzet kregen lange tijd niet de waardering die zij verdienen. Het beeld van iemand uit het verzet was dat van een man met een pistool. Vrouwen waren slechts assistentes, en na de oorlog lang ondergewaardeerd. Langzamerhand komt aan die onderwaardering, gelukkig verandering.
Echter niet bij het College van de gemeente De Fryske Marren.”
Al 3 jaar gevraagd om verzetsvrouwen te benoemen
“Al 3 jaar geleden is vanuit de gemeenteraad van de gemeente door middel van een PvdA/NCPN-motie, aandacht gevraagd om te overwegen bij het geven van namen aan nieuwe straten en pleinen, vrouwen te vernoemen die een rol hebben gespeeld in het verzet in onze gemeente. Vorig jaar nog is door de fractievoorzitter van de FNP nogmaals aandacht gevraagd voor de rol van vrouwen in het verzet en de mogelijkheid te onderzoeken vrouwennamen uit het verzet in het straatbeeld te benoemen. Een verzoek wat raadsbreed werd ondersteund. De FNP-wethouder Chris van Hes deed toen de toezegging hier serieus naar te zullen kijken. Een dergelijk initiatief toont daarmee de waardering voor het werk van vrouwen in het verzet.”
Motie wordt niet gehonoreerd
“Dit college van bestuurders zo blijkt uit publicatie van Groenlinks-PvdA/NCPN op Facebook, legt de uitvoering van die motie en het latere verzoek vanuit de FNP naast zich neer. Als we de publicatie op Facebook mogen geloven:
“omdat er nadelen kunnen zitten aan het vernoemen van individuele mensen. Daarnaast stelt het college dat ze alleen mensen willen vernoemen die in de oorlog het leven hebben gelaten als gevolg van hun verzetsactiviteiten.”(Citaat Gl/PvdA-NCPN).”
Telt alleen de dood voor het verzet?
“Blijkbaar telt voor het College alleen de dood als waardering voor verzet. Een weinig verheffend denken van het college. Daarnaast breken burgemeester en wethouders met de lijn die de gemeente Lemsterland eerder heeft bepaald. Voorbeeld? Onderweegs was een verzetsman die vanuit het gemeentehuis in Lemmer zijn gewaardeerde bijdrage leverde aan het verzet en de bevrijding. Hij heeft het geluk gehad de oorlog te overleven en overleed op 15 maart 1979 op 71-jarige leeftijd.”
Wel de Onderweegshof
“Toch is de man op verzoek, terecht door het toenmalige college en gemeenteraad van de gemeente Lemsterland gewaardeerd met een naam in het Rienplan, zijnde het Onderweegshof. Nu, op de rand van de herdenking voor de gevallenen op 4 mei te komen met de omschrijving dat er nadelen kunnen kleven aan het benoemen van individuele mensen en dat alleen door de dood, in het straatbeeld waardering blijkt voor inzet voor onze bevrijding. Dat doet pijn en is niet uit te leggen.”
Het eren van verzetsvrouwen is belangrijk
“Het eren van verzetsvrouwen is belangrijk omdat ze moedig hebben gestreden en grote offers hebben gebracht tijdens oorlogstijd. Ze hebben zich ingezet voor vrijheid, rechtvaardigheid en menselijke waardigheid, en hun bijdragen verdienen erkenning en respect als een herinnering aan hun moed en vastberadenheid in vaak gevaarlijke omstandigheden. Bovendien kan het eren van verzetsvrouwen inspirerend zijn voor toekomstige generaties, hen aanmoedigen om op te komen voor wat juist is, zelfs in moeilijke tijden.
Het wordt tijd dat het besef terugkeert bij het college van burgemeester en wethoudres van de Fryske Marren en dat de gemeenteraad het Straatnamenbeleid uit de handen van B&W neemt, zelf haar verantwoordelijkheid neemt voor dat beleid en de juiste keuzes maakt. Ter meerdere glorie van mens en haar geschiedenis in onze gemeente.”
Wietze de Haan



















